https://blog.crelan.be/nl/de-coronacrisis-en-de-financiele-markten/

De coronacrisis en de financiële markten

Aan speculatie en onzekerheid over hoe snel de economie van de corona-mokerslag zal bekomen geen gebrek. Toch bespeuren we weinig van die twijfel bij aandelenbeleggers, die de koersen vlot hoger gestuurd hebben na de crash midden maart.

Hoe kunnen we het merkwaardige contrast verklaren tussen de financiële markten en de “echte economie”?

Vorige maand was een snel herstel van de economie voor u zo goed als uitgesloten. Is die opvatting nu achterhaald?

Nee, we staan daar nog steeds achter. Alle indicatoren wijzen erop dat de economie de ergste crisis sinds de jaren 1930 doormaakt. Ook al komt die schade ‘van buitenaf’, ze is zo zwaar dat we niet snel kunnen terugkeren naar de wereld voor corona. Ter illustratie: meer dan 20 miljoen Amerikanen hebben op enkele weken tijd hun job verloren, en dat terwijl de Amerikaanse consument de sterkhouder van de wereldeconomie is. Die zijn volgende maand niet allemaal opnieuw aan de slag…

Zo’n snelle terugkeer is uitgesloten omdat het virus weer kan opflakkeren. Bijgevolg moeten de anti-verspreidingsmaatregelen nog lang volgehouden worden. Dat zien we ook in landen als China en Zuid-Korea, die relatief succesvol de corona-crisis doorstonden, maar ook vandaag nog kampen met besmettingshaarden en een bevolking die slechts aarzelend het normale leven hervat.

De Amerikaanse Nasdaq-index heeft midden mei alle corona-verliezen goedgemaakt. Hebben aandelenbeleggers de boodschap dan anders begrepen?

Het is goed dat u specifiek verwijst naar de Nasdaq-index. Nemen we de wereldwijde MSCI World-index als graadmeter, dan zien we sinds het begin van 2020 nog een duidelijk verlies van ca. 15%. In Europa en sommige groeilanden zijn de verliezen doorgaans meer uitgesproken, terwijl ze in de VS en enkele Aziatische markten beperkter zijn. De prestatie van de Nasdaq is een weerspiegeling van een frappant verschijnsel: de goede beursprestaties zijn sterk geconcentreerd in enkele sectoren (met name technologie, gezondheid en basisconsumenten-goederen), en zelfs in enkele individuele aandelen, terwijl het doorsnee-aandeel een veel bescheidener herstel gekend heeft.

Beleggers kopen de “corona-economie”. Ons leven is danig veranderd in de voorbije twee maanden, en de sectoren die daar baat bij hebben staan nu in de beleggersgunst. De retail bijvoorbeeld, want een stuk van ons budget voor “verwennerij” spenderen we nu in de supermarkt, nu dat niet kan op restaurant. Technologie heeft ons dan weer tijdens de lockdown overeind gehouden, en beleggers denken dat de trend naar videoconferencing, telewerk, online gaming en streamingdiensten nog zal versnellen. Ook de gezondheidssector werd beloond op de beurs: enerzijds zijn er de bedrijven die nu al konden profiteren van het virus, zoals bedrijven die de beademingstoestellen of maskers maken, en anderzijds is er ook hoop op de snelle ontwikkeling van een behandeling voor het virus. Voeg daar nog enkele producenten van basisconsumptiegoederen aan toe, en we hebben het rijtje winnaars gehad.

Daarachter schuilt een massa bedrijven die veel minder of geen herstel kenden: banken, industriële bedrijven, energie- en nutsbedrijven, de toerisme- en ontspanningssector, de luchtvaart,…

Ondanks die nuance lijken de beurzen en de echte samenleving twee verschillende werelden. Zijn beleggers wereldvreemd?

Ongetwijfeld zijn er her en der wereldvreemde beleggers, maar beleggen is altijd op de toekomst gericht, terwijl de macro-indicatoren eerder de economie in een achteruitkijkspiegel tonen. Beleggers hopen op een geleidelijke heropening van de economie, en ja: ze zijn daar al flink op vooruitgelopen. Ze anticiperen daarnaast ook op het gunstige effect van de enorme steunprogramma’s die overheden wereldwijd hebben toegezegd, en die oplopen tot 10 à 20% van het totale BBP, en op de liquiditeiten die de centrale banken op ongeziene schaal in de markt pompen.

Zo’n toekomstgerichte attitude houdt zeker risico’s in. Het verdere verloop van de pandemie met een mogelijke tweede golf, kan de hoopvolle toekomstvisie nog flink verstoren. De meeste beleggers lijken in deze context dan ook te opteren voor kwaliteit. Zo zien we op de beurs al een grote kloof tussen bedrijven met gezonde balansen, die het gemiddeld goed doen, en bedrijven met zwakke balansen. En balanskwaliteit is inderdaad één van de elementen die zal bepalen welke bedrijven de crisis heelhuids zullen doorkomen.

Maar er zijn ook beleggers die dit vandaag nog uit het oog verliezen en de modetrend volgen zonder nadenken. Is het bijvoorbeeld normaal dat de beurskapitalisatie van een elektrische autobouwer, die 47 keer minder auto’s produceert en met een winst voor belastingen zo goed als nul, bijna even groot is als die van drie andere grote autoproducenten samen (met 21 keer meer winst voor belastingen)?

Samengevat: het beleggersoptimisme is niet roekeloos en wereldvreemd, maar het houdt wel risico’s in?

Inderdaad. Beleggers moeten de lange horizon voor ogen houden om het slechte nieuws dat de komende maanden nog zo dominant zal zijn, te blijven trotseren. De “corona-crash” schept kansen op de beurs voor wie wil beleggen, maar eens te meer is spreiden van de aankopen in de tijd een voor de hand liggende manier om het risico te temperen.

Niet alleen spreiden in de tijd, maar ook over verschillende beleggingstypes, zoals aandelen, obligaties en cash. Geografische spreiding – sommige regio’s zullen sneller uit het corona-dal klauteren dan andere – is eveneens essentieel, net zoals een sterke focus op balanskwaliteit

Disclaimer: De informatie uit deze publicatie vormt een algemene toelichting bij de financiële actualiteit en mag niet worden beschouwd als een concreet advies of aanbeveling met betrekking tot financiële producten.